Dierlijke eiwitten

RIKILT is Nationaal Referentie Laboratorium (NRL) voor dierlijke eiwitten. Vanwege risico op BSE is controle op aanwezigheid van dierlijke eiwitten in veevoer belangrijk.

Dierlijke eiwitten

Naast de taak als NRL is ook het officiële controlelaboratorium voor dierlijke eiwitten in Nederland. Omdat Nederland slechts één laboratorium heeft, hoeven er voor verschillende taken in Verordening (EG) nr. 882/2004 geen activiteiten te worden uitgevoerd.

BSE

Boviene spongiforme encefalopathie (BSE of gekkekoeienziekte) is waarschijnlijk het gevolg van het recycleren van dierlijke resten tot ingrediënt voor diervoeding, vooral tot voer voor herkauwers.

In het verleden is een voederverbod opgelegd om risico's van besmetting te minimaliseren. Ook zijn  monitorprogramma’s in het leven geroepen om het verbod te handhaven. Er zijn meerdere methoden voorhanden om diervoeding te controleren op aanwezigheid van dierlijke eiwitten.

Officiële methode

De enige officiële methode is visueel (microscopisch) onderzoek naar de aanwezigheid van vooral botfragmenten, maar ook van spiervezels, haren, filamenten van veren en visgraten. Naast microscopie worden DNA-detectie en -identificatie (PCR) en proteïnedetectie (immuno-assays) toegepast.

Lid van wetenschappelijke adviesraad

RIKILT is lid van de wetenschappelijke adviesraad van het EU-RL. De uitvoering van alle taken maakt deel uit van de aanvullende eisen, zoals die zijn uiteengezet in Verordening (EG) nr. 1272/2009 (beschrijving technische methode) en in Verordening (EG) nr. 999/2001(verbod).