Ga naar de inhoud
LongreadPublicatiedatum: 12 juni 2026

'Voeding moet mensen helpen het beste uit zichzelf te halen'

Renger Witkamp
prof.dr. RF (Renger) Witkamp
Hoogleraar/Leerstoelhouder Nutritional Biology

Na twintig jaar Wageningen University & Research gaat hoogleraar Renger Witkamp met pensioen. Zijn kracht zat hem naar eigen zeggen niet zozeer in nieuwe ideeën bedenken, maar vooral in bestaande kennis verbinden. Dat leverde verrassende inzichten op over vetzuren, medicijnen en het menselijk lichaam. Helemaal stoppen na zijn pensioen doet Witkamp niet. Daarvoor is hij nog veel te nieuwsgierig. 

“Ik ben altijd gefascineerd geweest door één vraag: wat houdt mensen gezond?”
Renger Witkamp

Dat gezondheid meer is dan de afwezigheid van ziekte, is een belangrijk uitgangspunt voor Witkamp. Tijdens zijn afscheidssymposium sprak hij over voeding, geneesmiddelen, Ozempic en de toekomst van de voedingswetenschap. Maar uiteindelijk draaide het steeds om hetzelfde thema. “Hoe kunnen we door middel van voeding mensen helpen het beste uit zichzelf te halen?” zegt hij. “Gezondheid is het vermogen om je aan te passen aan veranderende omstandigheden. Voeding kan niet zomaar een ernstig ziek iemand genezen, maar die persoon wel iets gezonder maken, waardoor hij of zij beter met zijn situatie kan omgaan.”

Farmacie en voeding combineren

Die brede blik op voeding en gezondheid bracht hem ooit van de farmacie naar de voedingswetenschap. Na studies biologie en farmacie in Utrecht werkte hij jarenlang bij TNO, waar hij steeds dichter tegen voedingsonderzoek aanschuurde. “Op een gegeven moment zochten ze iemand die verstand had van beide werelden. Zo ben ik eigenlijk de voeding ingezogen.” De combinatie bleek vruchtbaar. Waar farmacologie vooral kijkt naar het behandelen van ziekte, richt voeding zich volgens hem op het versterken van gezondheid. “Leefstijl is ontzettend belangrijk, maar het is geen medicijn. Dat onderscheid moeten we scherp houden.”

In Wageningen bouwde Witkamp samen met collega’s aan een onderzoeksgroep die uitgroeide tot een internationaal erkende speler binnen de voedingsbiologie. Zelf wijst hij liever naar de mensen om hem heen dan naar zijn eigen prestaties. “Waar ik het trotst op ben? De groep. Mensen die ideeën delen, elkaar ondersteunen en samen nieuwe richtingen verkennen.” Die samenwerking leidde tot uiteenlopende onderzoeksdoorbraken.

De invloed van medicijnen op de voedingstoestand

Een van de onderwerpen waar hij zich sterk voor maakte, is iets waar relatief weinig aandacht voor is: wat medicijnen doen met de voedingstoestand van patiënten. “Artsen weten vaak goed wat voeding met medicijnen doet. Zo kan grapefruit de werking van sommige medicijnen beïnvloeden. Veel minder aandacht is er voor de omgekeerde vraag: wat doen medicijnen met de voedingstoestand van patiënten?” Zo kunnen maagzuurremmers leiden tot minder opname van vitamine B12, wat op termijn leidt tot een vitamine B12-tekort. De bijbehorende klachten lijken deels op normale verouderingsklachten, waardoor artsen het verband met de medicatie niet altijd leggen. “Dan zie je hoe belangrijk voedingskennis blijft.”

Ook op andere terreinen zocht de hoogleraar voortdurend naar verbanden. Zijn onderzoeksgroep liet onder meer zien hoe voedingsstoffen invloed hebben op het endocannabinoïdesysteem, een regelsysteem in het lichaam dat ontdekt werd dankzij de werking van cannabis, maar dat een belangrijke rol speelt in onder andere eetlust, stofwisseling en ontstekingen. Daarnaast werkte hij aan onderzoek naar spierafbraak bij kanker en aan voedingsstrategieën die patiënten kunnen helpen hun conditie en kwaliteit van leven zo lang mogelijk te behouden. “Soms kun je de ziekte niet genezen”, zegt hij. “Maar je kunt wel gezondheid toevoegen aan ziekte.”

Context geven aan gezondheidsclaims

De hoogleraar groeide in de afgelopen twintig jaar uit tot een van de bekendste voedingswetenschappers van Nederland. Regelmatig schoof hij aan bij consumentenprogramma’s als Radar, Kassa, Pointer en Keuringsdienst van Waarde om voedingshypes, supplementen en gezondheidsclaims van context te voorzien. Daarbij schuwde hij stevige uitspraken niet. Zo noemde hij de vermeende ontgiftende werking van bloedzuigers ooit “volslagen onzin”. Volgens Witkamp hoort die publieke rol bij het vak. Hij vindt het belangrijk dat wetenschappelijke kennis ook buiten de universiteit terechtkomt. Consumenten worden dagelijks geconfronteerd met claims over gezondheid. “Ik kan er niet goed tegen als consumenten worden belazerd, dus dan moet er ook iemand zijn die uitlegt wat klopt en wat niet.” 

Afslankmedicatie GLP-1 moet hand in hand gaan met leefstijl

Een minstens zo’n maatschappelijk relevant onderwerp kaartte Witkamp aan in zijn afscheidsrede: afslankmedicijnen zoals GLP-1-agonisten (ook wel bekend onder merknamen als Wegovy en Ozempic). Die gaan volgens hem de voedingswereld de komende jaren ingrijpend veranderen. Hij noemt de middelen een revolutie. “Het lijkt alsof de farmacologie hier de evolutie heeft verslagen”, zegt hij. 

Tegelijk ziet hij de opkomst van deze medicijnen als een spiegel voor de samenleving. De effecten reiken volgens hem veel verder dan de gezondheidszorg. Ze zullen invloed hebben op wat mensen eten, hoe voedingsbedrijven producten ontwikkelen en zelfs hoe supermarkten en restaurants hun aanbod vormgeven. “Dit gaat niet alleen over obesitas”, zegt hij. “Het gaat over de manier waarop we gezondheid, leefstijl en ziekte benaderen.” Juist daarom pleit hij ervoor om farmacologische oplossingen, zoals GLP1-medicatie, niet los te zien van voeding, beweging, slaap en andere leefstijlfactoren. 

Tot slot uit Witkamp nog zorgen over mogelijke, vooralsnog onbekende, bijwerkingen wanneer een groot deel van de bevolking zulke middelen langdurig gaat gebruiken. Spierverlies, voedingstekorten en gewichtstoename na stoppen met de medicatie vormen belangrijke aandachtspunten. “Maar niemand weet precies wat het effect gaat zijn”, aldus Witkamp.

Geen definitief afscheid

Na twintig jaar verlaat Witkamp de leerstoel, maar niet de universiteit. Hij blijft betrokken bij promotieonderzoek, bij het BIO-COMPaSS-project over gezond verouderen, bij het Instituut Medicinale Cannabis Nederland (IMC) en bij de organisatie voor leefstijlinterventie: Voeding Leeft. De nieuwsgierigheid die hem ooit van de farmacie naar de voeding bracht, is nog lang niet verdwenen. En dus blijft dezelfde vraag hem bezighouden als aan het begin van zijn loopbaan: hoe help je mensen het beste uit zichzelf te halen? Voor Witkamp ligt het antwoord nog steeds niet in één supplement, één voedingsmiddel of één wetenschappelijke discipline. “Gezondheid ontstaat juist in de wisselwerking daartussen.”

Contact

Lees ook