Zeehonden

Dossier

Zeehonden

Wageningen University & Research onderzoekt de populatiedynamiek, de verspreiding, het gedrag en het dieet van de twee zeehondensoorten die in Nederland leven: de grijze en gewone zeehond. Deze informatie wordt onder andere gebruikt om de effecten van menselijk handelen te kunnen beoordelen. In dit dossier vindt u nieuws, achtergronden en onderzoeksresultaten.

Vraag en antwoord: zeehondenopvang

Hoe gaat het met de zeehonden in Nederland?

In de Waddenzee komen twee soorten zeehonden voor: de gewone zeehond en de grijze zeehond. Zowel gewone als grijze zeehonden kwamen 7.000 jaar geleden al voor in de Waddenzee, zo blijkt uit opgravingen. De grijze zeehond verdween in de zestiende eeuw uit het gebied, vermoedelijk door de jacht. Dat de gewone zeehond niet verdween kan waarschijnlijk worden verklaard uit het feit dat gewone zeehonden al enkele uren na hun geboorte (in de zomer) het water in gaan, en dat jonge grijze zeehonden meer dan een maand lang (in de winter) op het droge blijven liggen, waardoor ze een makkelijke prooi vormen voor jagers.

De zeehonden maken deel uit van grote populaties

In 1974 werden er bijna 3.600 gewone zeehonden en 690 pups geteld in de gehele Waddenzee van Nederland tot en met Denemarken. In die tijd werden zelden grijze zeehonden gezien. In 2017 is het getelde aantal gegroeid tot bijna 30.000 gewone zeehonden en 9.200 pups. Er zijn in de internationale Waddenzee ook bijna 5500 grijze zeehonden en 1300 pups geteld. Deze dieren maken deel uit van een Noordzeebrede populatie, waarvan het grootste deel in Engeland en Schotland leeft (ongeveer 140.000 dieren).

Bij tellingen in de Waddenzee worden alleen de dieren die op de kant liggen geteld. Bij een telling missen we dus de zwemmende dieren. Bij gewone zeehonden zijn zwemmende dieren ongeveer een derde van het totaal. Hoeveel van de grijze zeehonden we missen is moeilijker te bepalen.

Nederlandse Waddenzee

In Nederland werden in 2017 bijna 8.500 gewone zeehonden en 4.000 grijze zeehonden geteld. Met zwemmende dieren erbij leven in het Nederlandse deel van het gebied dus zo’n 12.500 gewone zeehonden en 4.000 tot 5.000 grijze zeehonden. Er zijn aanwijzingen dat voor de zeehonden in de gehele Waddenzee de hoeveelheid ruimte en voedsel langzamerhand begrenzend voor de populatiegroei wordt. De groei in het aantal zeehonden, vooral de gewone zeehonden, is al afgenomen. Een tekort aan ruimte en vooral aan voedsel betekent dat emigratie, maar ook sterfte zal stijgen in de toekomst.

Is opvang van zeehonden nodig?

Sinds het goed gaat met de zeehonden in de Waddenzee pleiten biologen voor terughoudendheid bij het opvangen van zieke of verzwakte zeehonden. Dit werd al in 1994 internationaal afgesproken door de ministers van Denemarken, Duitsland en Nederland.

Die terughoudendheid is gebaseerd op het algemene ecologische uitgangspunt dat ‘onnodig ingrijpen in wilde dierpopulaties beter kan worden vermeden’. De populatie gewone zeehonden bereikte in de vroege jaren ‘90 al zo’n omvang dat deze boven de minimum levensvatbare populatieomvang zat. Inmiddels zijn de aantallen zeehonden verder gegroeid en heeft ook de grijze zeehondenpopulatie dat punt bereikt. Het stoppen van de jacht en de bescherming van de zeehonden en hun habitat heeft een grote rol in gespeeld in deze groei.

Zowel in 1988 als in 2002 vond er een uitbraak plaats van het zogenaamde zeehondenvirus PDV (Phocine Distemper Virus), waardoor de populatie gewone zeehonden tot ongeveer de helft werd uitgedund. Binnen enkele jaren na de epidemie groeide de populatie weer tot het oorspronkelijke niveau. Dat duidt erop dat deze populaties zichzelf zeer goed kunnen herstellen.

Menselijk ingrijpen kan de gezondheid en het welzijn van wilde populaties verstoren. De voornaamste redenen zijn dat ingrijpen tegen de natuurlijke selectie werkt en het risico met zich mee brengt dat via vrijgelaten opgeknapte zeehonden ziekteverwekkers - ook ‘soortvreemde’ zoals menselijke influenzavirussen - in de wilde populatie worden gebracht. Nu voedsel- en ruimtegebrek de populatie beperken, kan het opvangen en weer vrijlaten van zeehonden een nieuw probleem veroorzaken: er blijft nóg minder voer en ruimte over voor de wilde populatie.

Hoe gaan andere landen om met zeehondenopvang?

De overheden in de drie Waddenzeelanden hebben de risico’s van de opvang van zeehonden al enkele decennia geleden erkend. Dit heeft in 1994 geresulteerd in trilaterale afspraken om de opvang van zeehonden op een zo laag mogelijk niveau te brengen. In Denemarken mogen zeehonden wel worden opgevangen, maar niet worden vrijgelaten. Volgens de Denen is het beter om geen extra risico’s te nemen op bijvoorbeeld de verspreiding van ziektes of het beïnvloeden van de natuurlijke selectie in de wilde populatie. In Duitsland worden wel dieren opgevangen (en teruggezet), maar naar verhouding veel minder dan in Nederland.

Wat kan er gedaan worden als een zeehond op het strand ligt?

In gebieden die weinig door mensen worden bezocht, komen zeehonden regelmatig aan land om te rusten. Meestal liggen ze op bijvoorbeeld wadplaten, maar soms kunnen ze ook op het strand terechtkomen.

Het is begrijpelijk dat mensen op morele en emotionele gronden dieren in nood willen helpen. Er is echter een grote kans dat een zeehond op het strand geen hulp nodig heeft. Bijvoorbeeld, zeehondenpups worden al 2,5 tot 4 weken na hun geboorte door hun moeder verlaten. Daarna moeten de dieren zelf leren te overleven. Het komt ook regelmatig voor dat nog zogende pups voor enkele uren door hun moeder alleen gelaten worden. Het is denkbaar dat onervaren jonge dieren niet vluchten voor mensen, en daarom gezien worden als hulpbehoevend. Meestal is het het beste de jonge dieren met rust te laten en de lokale deskundigen op de hoogte te stellen.

Het kan voorkomen dat zeehonden verstrikt zijn geraakt in afval of visnetten, of zichtbare verwondingen hebben. Vaak zijn deze dieren ouder en gevaarlijk voor mensen. Ook dan kunnen lokale deskundigen ingeschakeld worden om het dier eventueel los te snijden en te besluiten om het dier vrij te laten, te behandelen of te euthanaseren.

Als zieke, gewonde dieren op drukke standen terechtkomen zal het moeilijk zijn ze de rust te gunnen die ze nodig hebben. Afhankelijk van de situatie kunnen de deskundigen bijvoorbeeld besluiten het dier naar een rustigere plek te brengen.


Welke zeehonden komen in Nederland voor?

Nieuws over zeehonden

    In de media